Janny Idsardi ziet als familierechter de zwaarste vechtscheidingen, zegt ze er meteen maar bij, omdat zij bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden nu eenmaal over de zaken in hoger beroep gaat.

Maar verder valt er niet veel te relativeren: ‘Wij vragen ons bijna wekelijks af: wat gebeurt hier?’

Dertig jaar is Idsardi rechter en de afgelopen tien jaar bij het hof zag ze de strijd enorm verhevigen. We praten bij haar thuis in Groningen, waar ze koekjes heeft gebakken. Om mentaal overeind te blijven in steeds heftiger zaken, is Idsardi korter gaan werken. Ze doet nu vijf zaken per week, waarvan één ‘complexe conflictscheiding’.

Vroeger kon je als rechter nog zorgen dat ouders het ter zitting samen eens werden. Nu ziet Idsardi overal verruwing. Ook in bewindszaken vechten volwassenen trouwens harder, maar dan over de vraag wie voor een dementerende ouder mag zorgen.

Wat alle onenigheid gemeenschappelijk heeft: toenemend wantrouwen en een soort agressief perfectionisme. Mensen beschuldigen een ander er sneller dan ooit van het niet goed te doen.

Kindertekening uit een lotgenotengroep.Beeld Kinderen in de Knel

Janny Idsardi en haar collega’s hadden er dus genoeg van. Steeds zagen ze ouders hun scheidingszaken volledig naar zich toe trekken. Ging het weer over hún geruzie, het kind gereduceerd tot figurant. In het arrondissement Noord-Nederland kozen ze daarom een nieuwe manier. Familierechters schrijven hun beschikking nu voortaan in voor kinderen begrijpelijke taal. Dat is beter voor kinderen en zet ze demonstratief terug waar ze horen: in het middelpunt.

Een rechter schrijft een kind:

‘Je hebt ook uitgelegd dat je ouders volgens jou al acht jaar niet meer met elkaar praten en dat ze het nergens over eens kunnen worden. Het is nu bijvoorbeeld wel duidelijk op welke dag en hoe laat je vader je op komt halen, maar nu is er iedere keer gedoe over bij wie je dan eet. Dat regelen je ouders niet onderling, maar ze willen wel allebei dat je met hun eet. Dat los je nu op door op die avonden twee keer te eten.’

Dit soort taal hakt erin, en terecht: jaarlijks maken 70 duizend kinderen een scheiding mee en een vijfde van alle scheidende ouders belandt in een vechtscheiding, de aantallen lopen in de rechtszaal intussen volledig uit de hand.

Alle betrokkenen bij justitie en hulpverlening willen het kind weer centraal stellen. Gemeenten openen bij wijze van proef al ‘echtscheidingsloketten’ waar ouders hulp krijgen, op voorwaarde dat het kind bij alles voorop staat.

Dit sprak jarenlang dus niet vanzelf. Kinderalimentatie is een goed voorbeeld, zegt Idsardi. Er zijn gemeentes waar moeders in scheiding met onvoldoende inkomen zijn gedwongen eerst het onderste uit de kan te procederen aan alimentatie. Anders kregen ze geen bijstand: ‘Dan dwing je ouders een strijd in.’

Janny Idsardi, raadsheer.

In Noord-Nederland worden ouders die in een vechtscheiding dreigen te belanden nu zo snel mogelijk naar de hulpverlening gestuurd. Bijvoorbeeld naar groepsgesprekken waar ze met ouders in vergelijkbare situaties leren wat een scheiding betekent voor kinderen en wat de gevolgen voor het kind kunnen zijn van procederen. Ook kinderen krijgen hulpverlening in lotgenotenbijeenkomsten.

Ouders moeten weer naar het geheel leren kijken. Zich afvragen wat nodig is en niet: waar heb ik recht op. Een rechter in Noord-Nederland schrijft het zo aan een kind: ‘Allebei je ouders moeten dingen anders gaan doen, als dat niet gebeurt, dan wordt het niks.’

Jeugdrechters gebruikten zulke woorden ter zitting al jaren. Maar zodra ze gingen schrijven werd het te plechtig. Dat kwam ook doordat de secretarissen het concept meestal moesten maken. Een kindvriendelijke beschikking is extra werk voor de rechters.

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Wrange paradox: terwijl de Nederlandse rechtspraak er nu alles aan doet om kinderen in het scheidingsproces weer de hoofdrol te geven, loopt het geheel spaak door de wachtlijsten in de jeugdzorg. En niet alleen daar. Mishandelde en verwaarloosde kinderen moeten in Nederland veel te lang wachten op hulp, stelden de Inspecties al vast. Janny Idsardi ziet in de rechtszaal bovendien nog eens hoe desastreus ook de wachtlijsten van de volwassenen-ggz uitpakken voor kinderen. Veel ouders hebben ernstige psychische problemen. Als die geen hulp krijgen, wordt een kind soms uit huis geplaatst. Soms is een wachtlijst zo lang dat de wettelijke termijn voor terugkeer van het kind naar huis wordt overschreden. Dan zit het voorgoed in een pleeggezin.

Een rechter schrijft intussen aan een kind: ‘Jij hebt het gevoel dat je iets mist. Jij mist ook iets.’

Bron: https://www.volkskrant.nl/a-ba630ce3

Share This